Coming soon
Coming soon
Selecteer type
Tijdens Art Rotterdam 2025 wordt voor de negende keer de NN Art Award uitgereikt, een prijs voor talentvolle kunstenaars die een opleiding hebben afgerond aan een Nederlands instituut en werk tonen op de beurs. Deze stimuleringsprijs biedt niet alleen erkenning, maar ondersteunt kunstenaars ook in het ontwikkelen en presenteren van hun werk. De winnaar van de NN Art Award wordt bekendgemaakt tijdens de feestelijke prijsuitreiking in Kunsthal Rotterdam op vrijdag 28 maart 2025 om 20.00 uur; werk van alle genomineerden is hier tot en met 11 mei te zien.
Een partnerschap met impact
Sinds 2017 is Nationale-Nederlanden (onderdeel van NN Group) partner van Art Rotterdam en reikt sindsdien ieder jaar een stimuleringsprijs uit aan uitzonderlijk hedendaags kunsttalent met een innovatieve en authentieke beeldtaal. Vaak weerspiegelt het werk maatschappelijke vraagstukken en wordt het gekenmerkt door een interessante technische uitvoering. De prijs richt zich niet alleen op nieuw talent, maar ook op kunstenaars die al een volgende stap in hun carrière hebben gezet. De selectiecriteria zijn multidisciplinair, waardoor alle media in aanmerking komen.
Een opstap voor kunstenaars
De winnaar ontvangt een geldbedrag van €10.000, bedoeld om zijn werk verder te ontwikkelen en een breder publiek te bereiken. Dit jaar krijgen de genomineerden wederom de unieke kans om hun werk te tonen in Kunsthal Rotterdam. De tentoonstelling, die dit jaar loopt van 15 maart tot en met 11 mei 2025, trok vorig jaar meer dan 110.000 bezoekers. Verder worden alle vier de genomineerden uitgelicht in een artikel op GalleryViewer.com. Daarnaast verwerft Nationale-Nederlanden werk van één of meerdere genomineerden voor de NN Kunstcollectie.
Focus op toptalent en hoogwaardige opleidingen
De NN Art Award benadrukt de kwaliteit van de kunstopleidingen in Nederland. Kunstenaars van over de hele wereld vinden hun weg naar prestigieuze instituten zoals de Rijksakademie, De Ateliers, de Jan van Eyck Academie en het Piet Zwart Instituut.
Terugblik op 2024
Tijdens de vorige editie ging de prijs naar Peim van der Sloot, vertegenwoordigd door Brinkman & Bergsma. Van der Sloot: “Het winnen van de NN Art Award in 2024 was een verrassend en geweldig begin van het jaar. Het heeft me in staat gesteld mijn praktijk verder te verdiepen door nieuw werk te creëren, dat ik op internationale podia heb kunnen tentoonstellen, waaronder op een kunstbeurs in Los Angeles. Daar ben ik ontzettend dankbaar voor; het was één van de hoogtepunten van het jaar. Ik heb daarnaast de tijd gehad om bepaalde onderwerpen dieper te onderzoeken, zoals de nieuwe reeks werken waarin ik een ode breng aan het pointillisme. Deze werken zijn geïnspireerd door licht en natuur in de stad Amsterdam. Deze reeks zal vanaf februari te zien zijn in een solotentoonstelling in Huize Frankendael. We zullen dan een speciale rondleiding met diner organiseren voor de lezers van GalleryViewer, waarbij iedereen welkom is.”
De jury en selectie
Een jaarlijks wisselende jury van kunstprofessionals selecteert vier genomineerden en kiest de uiteindelijke winnaar. De jury bestaat telkens uit een combinatie van disciplines: kunstjournalisten, conservatoren, museumdirecteuren, kunstenaars, kunstverzamelaars en de conservator van de NN Kunstcollectie.
Dit jaar bestaat de jury uit:
• Marianne Splint, directeur van Kunsthal Rotterdam
• Peim van der Sloot, kunstenaar en winnaar van de NN Art Award 2024
• Nadine van den Bosch, curator, auteur en medeoprichter en directeur van Young Collectors Circle
• Miluska van ’t Lam, hoofdredacteur van Harper’s Bazaar
• Maartje de Roy van Zuydewijn, conservator van de NN Kunstcollectie
Galeriehouders die op de beurs staan kunnen kunstenaars aandragen voor de award. Ook de curator van de Prospects sectie van het Mondriaan Fonds zal dit jaar weer vijf voorstellen indienen: een selectie van het meestbelovende talent in de tentoonstelling. De vier genomineerden voor de NN Art Award 2025 worden half februari bekendgemaakt.
Feestelijke uitreiking in Kunsthal Rotterdam
De winnaar van de NN Art Award wordt bekendgemaakt tijdens de feestelijke prijsuitreiking in Kunsthal Rotterdam op vrijdag 28 maart 2025 om 20.00 uur. Tijdens deze feestelijke avond zijn alle tentoonstellingen, inclusief de NN Art Award tentoonstelling, vrij toegankelijk te bezichtigen voor de aanwezige gasten.
Over Nationale-Nederlanden
Nationale-Nederlanden (onderdeel van NN Group) is een internationale financiële dienstverlener met een rijke traditie in het ondersteunen van kunst en cultuur.
Tijdens Art Rotterdam, voor het eerst in Rotterdam Ahoy, vindt de 13e editie plaatst van Prospects met het werk van maar liefst 116 startende kunstenaars. Het Mondriaan Fonds organiseert de tentoonstelling Prospects jaarlijks om de zichtbaarheid van startende kunstenaars een extra impuls te geven. Door de nabijheid van Art Rotterdam kunnen kunstprofessionals en verzamelaars, maar ook een brede groep geïnteresseerden kennismaken met het werk van deze veelbelovende kunstenaars.
Curatoren Johan Gustavsson & Louise Bjeldbak Henriksen over de 2025 editie:
”De nieuwe locatie in Rotterdam Ahoy biedt vernieuwende mogelijkheden voor de grootste editie van Prospects tot nu toe. De dynamische en eclectische groep kunstenaars, geselecteerd op basis van hun uitzonderlijke talent, omvat pas afgestudeerden tot doorgewinterde deelnemers aan vooraanstaande internationale tentoonstellingen. Deze 13e editie viert een breed scala aan perspectieven, met werken die zich verdiepen in thema’s als identiteit, saamhorigheid en onze veranderende relatie met de natuur en geschiedenis, terwijl ze ook de formele grenzen van de hedendaagse media verleggen. Het is een voorrecht om zo’n diverse groep in een tentoonstelling bij elkaar te mogen brengen, die de rijkdom van het hedendaagse kunstlandschap in Nederland weerspiegelt.”
In gesprek met Diego Diez over zijn galerie, ambities en presentatie op Art Rotterdam
Diez Gallery doet voor de tweede keer mee aan Art Rotterdam. De jonge Amsterdamse galerie timmert aan de weg met een uitdagende programmering en gedurfde presentaties op grote buitenlandse beurzen. Dit jaar staat Diez Gallery in de Main Section. We spraken oprichter Diego Diez over zijn galerie, zijn ambities en plannen voor de komende editie van Art Rotterdam.
‘We bestaan binnenkort drie jaar’, vertelt Diego Diez in de achterruimte van zijn galerie in Amsterdam West. ‘Ik zag kansen voor mijn galerie, omdat er in Amsterdam geen galerie was met dezelfde ambitie of projecten die ik voor mijn galerie wil tonen.’ In relatief korte tijd wist hij naam te maken. Niet zozeer in Nederland, want Diez programmeert namen die vooral over de grens bekendheid genieten.
De Spaanse Rietveld-alumnus nam deel aan gerenommeerde beurzen als Frieze, Liste en ARCO. Daar viel hij op met gedurfde presentaties. Zo toonde hij maar liefst 365 tekeningen van Sands Murray-Wassink in zijn stand en wist hij op Liste de aandacht te grijpen door de presentatie van Ian Waelder met een architectonische ingreep om te bouwen tot een kleine museumpresentatie.
Geld of financieel gewin staan daarbij niet voorop voor Diez, die zijn plannen met grote helderheid uit de doeken doet. ‘De kunstbeurzen die ik doe en de stappen die ik zet, moeten een doel dienen. Een kunstbeurs doen alleen om een kunstbeurs te doen, is gewoon een verspilling van tijd en energie’. Diez’ doel is het vergroten van de naamsbekendheid van zijn galerie en het plaatsen van een werk in een grote particuliere of publieke collectie.
A leap of faith
Eind maart staat Art Rotterdam op de rol. Waar Diez vorige editie een booth had in de New Art-sectie, is hij ditmaal te vinden in de Main Section. Omdat de vorige editie vanuit commercieel oogpunt succesvol was – Diez verkocht al het werk dat hij had meegenomen – kijkt hij ernaar uit om terug te keren op Art Rotterdam en verschillende aspecten van mijn programma in de Main Section te laten zien.”
‘Ik ben nog niet bekend bij een grote groep verzamelaars, conservatoren en bedrijfscollecties in Nederland. Mijn doel is om mijn toewijding aan deze scene, stad en land te tonen en te laten zien dat ik ervan overtuigd ben dat Amsterdam een goede plek is voor mijn galerie. Daarvoor wil ik mijn visie en de visie van mijn kunstenaars aan het Nederlandse publiek laten zien. Art Rotterdam is de beste plek om die erkenning te krijgen.” Daarom besloot ik dit jaar een sprong in het diepe te wagen – a leap of faith – en deel te nemen aan de Main Section.’
Om zijn plan te laten slagen wil Diez het beste werk van zijn beste kunstenaars bemachtigen voor Art Rotterdam. Dat klinkt misschien als een open deur, maar bijvoorbeeld Ian Waelder heeft vlak voor de beurs een solotentoonstelling bij Carlier | Gebauer in Berlijn. Om nieuw werk te krijgen, is dus enige overtuigingskracht nodig van de kant van Diez. “Ik benader mijn kunstenaars en leg het belang van deze stap voor mij uit. Ik moet de mensen in Nederland laten zien dat ik het beste kan brengen van een van mijn belangrijkste kunstenaars. De meeste werken die ik krijg, zullen nieuw werk zijn dat speciaal voor de beurs is gemaakt.”
Tilde
Diez’ benadering van zijn metier gaat terug op zijn vorige rol als leider van de non-profit kunstruimte Tilde die hij tussen 2019 en 2022 runde. Diez toonde onder meer bekende namen als Francisco de Goya y Lucientes, Laure Prouvost en Moyra Davey. ‘Er is meer mogelijk als je een non-profitruimte hebt en geen galerie, ook met bekendere kunstenaars, want er zijn geen conflicterende commerciële belangen’, aldus Diez. Tegelijk stelde het hem in staat een groot netwerk van kunstenaars en curatoren op te bouwen.
Tilde was gehuisvest in Diez’ Amsterdamse tweekamerappartement. Het betekende dat de samenwerkingen zeer persoonlijk waren, er was doorlopend overleg met de kunstenaars, dat begon bij wijze van spreken al tijdens het ontbijt. ‘Alle kunstenaars waarmee ik werk zijn gepassioneerd over kunst, het maken ervan en de kunstgeschiedenis. Het werk dat ik toon moet een zekere politieke of sociale relevantie hebben of in relatie staan tot de kunstgeschiedenis.’
Diez werd op het spoor gezet van deze organische manier van werken door zijn vriendin Marja Bloem, de geliefde van wijlen Seth Siegelaub, een van de hoofdrolspelers van de vroege conceptuele kunst. Siegelaub had eind jaren ’60 een galerie in New York die zich onderscheidde door baanbrekende presentatievormen. Het retrospectief over Siegelaub in het Stedelijk Museum in 2015 was voor Diez een eye opener: ‘Hij deed dingen met passie. Al snel realiseerde hij zich dat de hedendaagse kunstwereld niets voor hem was, dus stopte hij met zijn galerie. Zijn werkwijze heel natuurlijk op me over. Zeker voor werk dat op dat moment niet in en vogue was.’
Art Rotterdam
Opvallend aan de programmering van Tilde was de combinatie van hedendaagse kunstenaars met gevestigde namen, zoals de combinatie van de nog jonge Nora Turato met Lilly van der Stokker. Iets soortgelijks wil Diez op Art Rotterdam gaan doen. Ditmaal geen architectonische ingreep, maar een elegant samenspel van hoogwaardig werk uit de secundaire markt, dat Diez aankoopt met Paul van Esch, met hedendaags werk van Ian Waelder, Jessica Wilson of Rasoul Ashtary. Diez wil ze groeperen rond 3 grote thema’s uit de kunstgeschiedenis: geschiedenis en identiteit, het portret en abstractie.
‘Vanwege het belang van de kunstgeschiedenis voor mijn kunstenaars, is het heel goed om ze in context te plaatsen. Veel mensen kennen mijn kunstenaars nog niet, omdat ze niet in Nederland tentoonstellen. Daarom toon ik ze samen met een gevestigde naam.’
Een tipje van de sluier kan Diez al oplichten: voor het thema geschiedenis is het plan om een werk van Anselm Kiefer, die op dat moment een tentoonstelling heeft in zowel het Stedelijk Museum als in het Van Gogh, te presenteren naast werk van Ian Waelder.
Geschreven door Wouter van den Eijkel
Tijdens Art Rotterdam (28-30 maart 2025 in Rotterdam Ahoy) presenteert Wouters Gallery uit Brussel het werk van Elen Braga in de New Art Section, die werd gecureerd door Övül Ö. Durmuşoğlu. De visuele aantrekkingskracht van Braga’s werk misleidt de kijker: haar werken ogen aanvankelijk speels en kleurrijk, maar onthullen bij nadere observatie een gelaagdheid die getuigt van buitengewoon scherpe en kritische reflectie. Ze verweeft daarbij politieke thema’s, verhalen over machtsverhoudingen en persoonlijke herinneringen tot krachtige narratieven.
Elen Braga staat bekend om haar multidisciplinaire en conceptueel gelaagde praktijk, waarin installatie, sculptuur, video, textiel en performance centraal staan. Ze verkent daarmee thema’s als kracht, machtsrelaties, ambitie en veerkracht, waarbij ze persoonlijke ervaringen en lokale verhalen verweeft met grotere universele thema’s en de actualiteit. Daarnaast put Braga inspiratie uit mythes, massacultuur, folklore, religie en culturele tradities uit zowel België als Brazilië, en onderzoekt ze hoe deze voortleven in ons dagelijks handelen en onze overtuigingen. De kunstenaar is in het bijzonder geïnteresseerd in bepaalde paradoxen en ambiguïteiten die daarbij ontstaan en hoopt met haar werk een dialoog op gang te brengen.
Soms herinterpreteert Braga een bepaalde geschiedenis als een daad van verzet tegen de officiële geschiedschrijving. Door haar eigen leven en ervaringen als uitgangspunt te nemen, waaronder een busongeluk dat ze als kind overleefde, creëert Braga een intieme dialoog tussen het persoonlijke en het politieke of het collectieve. Haar werk sluit vaak nauw aan bij de specifieke context van de locatie waar het wordt getoond en wordt regelmatig gepresenteerd in de openbare ruimte.
De kunstenaar maakt gebruik van materialen als textiel (waaronder handgetufte wandtapijten), keramiek, metaal, taal of haar eigen lichaam. Voor Braga is het maakproces haast net zo belangrijk als het eindresultaat: een ritueel dat wordt gekenmerkt door toewijding, doorzettingsvermogen en zelfopgelegde opdrachten. De fysieke inspanning die haar werken vereisen, speelt daarbij een cruciale rol. Braga onderzoekt regelmatig de fysieke en mentale grenzen van haar lichaam en integreert deze inspanningen in haar kunst. Haar monumentale tapijt ‘Elen ou Hubris’ (2020) was bijvoorbeeld 24 meter lang en 5 meter breed en woog maar liefst 200 kilo. Het werk was slechts vijf uur te zien aan de triomfboog van het Jubelpark in Brussel. Inhoudelijk onderzocht het werk de grens tussen ambitie en overmoed (‘hubris’), waarbij Braga mythologische en Bijbelse verhalen verbond aan persoonlijke ideeën over trots en zelfdiscipline. Ze was bijna twee jaar bezig met het werk.
Voor haar eerdere werk ‘Tão quente que era que pouco mais era morte’ (‘Zo heet dat een graadje meer de dood betekende’) (2015) reisde Braga naar Death Valley in de VS. Daar voerde ze een fysieke performance uit waarbij ze een constructie van twaalf aluminium platen droeg, voorzien van haar eigen interpretaties van passages uit Dantes Inferno. Dit werk weerspiegelde haar voortdurende fascinatie voor zowel de kracht als de beperkingen van het menselijk lichaam.
Voor een recente tentoonstelling in Wouters Gallery onderzocht Braga de vervagende grenzen tussen publieke en private sferen. Daarvoor vertaalde ze de concepten van een café en een zogenaamd love hotel naar textielinstallaties die deze vervagende grenzen blootleggen, met een scherpe blik op de consumptie van liefde in een digitale wereld.
Elen Braga werd in 1984 geboren in Maranhão in Brazilië in een buitengewoon arme familie. Haar moeder werkte met textiel, waardoor Braga al vroeg ontdekte dat ambacht en identiteit elkaar op interessante manieren kunnen versterken. De kunstenaar kreeg een streng religieuze opvoeding en genoot zelfs een tijdje bekendheid als gospelzanger in Brazilië. Daarnaast nam ze als kind deel aan beauty pageants, een interessant contrast met haar religieuze omgeving, die kritisch was op uiterlijke vertonen van ijdelheid. Hoewel religie haar aanvankelijk een veilige structuur bood, begon ze als tiener te twijfelen aan haar overtuigingen. Via de kunst vond ze een nieuwe manier om haar wereld te begrijpen en zichzelf uit te drukken. Haar eerste experimenten in de performancekunst ontstonden uit een verlangen om grenzen te doorbreken — zowel fysiek als conceptueel. De stemtechnieken die ze tijdens haar gospelperiode had geleerd, kwamen bovendien goed van pas in haar performances.
De kunstenaar woont sinds 2016 in België. Ze behaalde in 2018 haar post-master aan a·pass (Advanced Performance and Scenography Studies) in Brussel en nam deel aan diverse residentieprogramma’s, waaronder bij MORPHO, Central Saint Martins en Buitenplaats Brienenoord. Haar werk was onder meer te zien in WIELS, M HKA en Centre Pompidou-Kanal in Brussel en was tot voor kort onderdeel van een groepsshow in Mu.ZEE Oostende. Tot eind januari is haar werk ook te zien in CC Strombeek. In 2025 verschijnt haar eerste monografie bij MER Books.
Het werk van Elen Braga zal tijdens Art Rotterdam te zien zijn in de New Art Section, gepresenteerd door Wouters Gallery uit Brussel.
Geschreven door Flor Linckens
Gelijktijdig met Art Rotterdam vindt Rotterdam Art Week plaats; van 26 t/m 30 maart 2025 staat Rotterdam volledig in het teken van kunst. Op 50 locaties door de stad ontdek je beurzen, tentoonstellingen, open studio’s, tours, artist talks en meer. Van spraakmakende openingen tot verrassende pop-up shows, vijf dagen lang is kunst overal te zien, te ervaren en te beleven.
Voor de complete Rotterdam Art Week programmering: www.rotterdamartweek.nl/programma
Fons Hof, directeur Art Rotterdam
“De eerste editie op de nieuwe locatie Rotterdam Ahoy wordt een bijzondere ervaring voor internationale verzamelaars, kunstprofessionals en -liefhebbers. De beurs toont een sterke mix van galeries, afgewisseld met grote gecureerde ruimtes voor video, sculpturen, installaties en performances. Hier kunnen galeries hun meest uitgesproken en experimentele kunstwerken tonen. Daarnaast keert Prospects, de tentoonstelling van het Mondriaan Fonds voor opkomend talent, terug in extra groot formaat. Deze combinatie zorgt voor een rijke, diverse en inspirerende bezoekerservaring, waardoor Art Rotterdam toekomstbestendig blijft.”
Edo Dijksterhuis in Het Parool, 1 februari 2024
“Dat de Prospects tentoonstelling van het Mondriaan Fonds niet meer gehuisvest kon worden ten tijde van Art Rotterdam, gaf de aanleiding om de hele beurs naar Rotterdam Ahoy te verhuizen. Mooie bijkomstigheid van deze solidariteitsactie is dat Art Rotterdam in het veel grotere Ahoy onderdelen kan terugbrengen die in de afgelopen 25 jaar zijn ontwikkeld maar telkens door ruimtegebrek sneuvelden, zoals Sculpture Park, Intersections en natuurlijk de videosectie Projections. Iets om naar uit te kijken.”
Art Rotterdam in Rotterdam Ahoy
Na het afronden van de kunstacademies in Wuhan en Londen, volgde Sun Chang (1994) van 2017-2019 ‘The Dirty Art Appartment’ opleiding aan het Sandberg Instituut in Amsterdam. Deze stelt zich niet zozeer als doel om kunstenaars op te leiden tot het beoefenen van een ambacht, maar nodigt hen uit om onderzoek te doen naar onze alledaagse sociale dynamiek en de betekenissen die we aan sociale rollen toekennen. Chang omschrijft zichzelf dan ook als ‘community based and social artist’. In 2020 initieerde zij to M•Others (2020-heden), een zoektocht naar wat moederschap betekent middels interviews, discussies en workshops. Daarmee bouwt de kunstenaar een gemeenschap waar eenieder zich bij kan aansluiten. Bij ‘Prospects’ op Art Rotterdam geeft ze inzicht in haar proces en toont ze een recent collectief kunstwerk.
Aanleiding voor het project to M•Others (2020-heden) was de covid pandemie. Chang deelt: “Lockdown maakte nog iets duidelijk: veel van het werk in huis wordt gedaan door vrouwen. Dit is geen nieuws, maar het maakte duidelijk dat zelfs als iedereen thuis is, de meeste klusjes nog steeds op het bord van de vrouwen terechtkomen. Gender speelt een rol in huis. Dit was het startpunt van mijn project M•Others, waarin ik M(other)ing onderzoek: moederen, zorgen voor een ander, het huis en jezelf. Ik begon het moederschap te onderzoeken als een handeling, niet als een staat van zijn. Uiteindelijk is moederschap, de handeling van het moederen, een soort zorgen voor elkaar dat door iedereen kan worden uitgevoerd, ongeacht genderidentiteit.” De kunstenaar hanteert dus een brede definitie van moederschap, als ‘zorgen voor een ander’, om ook vaders, mensen zonder kinderen en queers bij het vraagstuk te betrekken.
Aan de hand van diners, brieven, pamfletten, interviews, discussies en collectieve design workshops onderzoekt Chang wat moederschap betekent. Een voorbeeld is Sisther-Hood (2023), een groot doek ontworpen met moeders uit de Bijlmer en kartonnen tags geschreven door meisjes uit de Molenwijk van womxn. Dit textiele werk fungeert als een manifest met de woorden ‘I am more because we are more’. Het ‘I’ en ‘we’ zijn als levensaders met elkaar verbonden. In de trant van: ‘andermans schoonheid en kracht betekent niet de afwezigheid van die van jezelf.’ Dit project werd georganiseerd tijdens Internationale Vrouwendag samen met Buurtzus. De kinderen en volwassenen reflecteerden op hun vrouwelijke rolmodellen en de women/girl power bij anderen en/of zichzelf. Daarnaast creëerden de deelnemers geestenmaskers, geïnspireerd door een hybride wezen uit de Griekse mythologie, om symbolen van huiselijkheid en bedreigingen naar vrouwen te verbeelden.
Op Prospects toont de kunstenaar dit 3 meter lange kleed met een miervormige mierenhoop, naar aanleiding van de vraag welk dier moederschap het best representeert. De mier is volgens Chang als een mantel die de kracht en verbondenheid van de makers uitstraalt. In tijden waarin we verbinding uit het oog dreigen te verliezen, zet Chang haar kunstenaarschap in om mensen met diverse culturele achtergronden en leeftijden te verbinden. In haar woorden: “Uiteindelijk kan iedereen moeder zijn, ongeacht geslacht of sekse. M(other)ing [red. moederen] is een werkwoord, een intentie.” Zo dragen haar kunstpraktijken bij aan emancipatie, veerkracht en zelfbewustzijn.
Sun Chang (1994) is een sociaal kunstenaar, onafhankelijk uitgever en pedagogisch ontwerper gevestigd in Amsterdam. Vanaf 2012 tot 2019 volgde zij kunststudies in Wuhan, Beijing, New York, Londen en Amsterdam. Chang is artistiek directeur van to M•Others en medeoprichter van Lost Dad Publishing. Zij kreeg diverse residenties toegekend, onder andere van Guangdong Times Museum (2022-2023), Witte Rook (2022) en CBK Zuidoost (2021).
Tussen 2022-2023 ontving Chang talentondersteuning van het Mondriaan Fonds. Daarom is zij één van de deelnemende kunstenaars van de ‘Prospects’ tentoonstelling op Art Rotterdam.
Geschreven door Pienk de Gaay Fortman
Het werk van Hanane El Ouardani valt op door haar unieke vermogen om intieme en persoonlijke verhalen en perspectieven te verweven met bredere maatschappelijke en culturele thema’s. De subjectieve documentaire fotoprojecten van El Ouardani zijn niet alleen esthetisch aantrekkelijk, maar roepen ook vragen op over identiteit, exotisme, contradicties en maatschappelijke status. Ze daagt de kijker uit om na te denken over de complexiteit van deze thema’s. Ze begeeft zich daarnaast met haar camera op plekken waar mannen een prominente rol spelen in de publieke ruimtes en gaat daarbij actief de interactie aan.
De Nederlands-Marokkaanse fotograaf werd geboren in Nederland met biculturele wortels en haar praktijk weerspiegelt een terugkerende dualiteit: enerzijds het niet aflatende verlangen om zich ergens echt thuis te voelen, en anderzijds het omarmen van haar status als ‘buitenstaander’, vanwege het unieke perspectief dat dat haar biedt en de manieren waarop ze daardoor vanaf een afstand echt scherp kan stellen op de verschillen. In 2018 publiceerde ze het fotoboek ‘The Skies are Blue, The Walls are Red’, een visueel dagboek dat de verschillende lagen van een diasporische identiteit verkent. Het boek stelt vragen over het representeren van je wortels zonder je vervreemd te voelen van je eigen cultuur.
Tijdens Art Rotterdam presenteert El Ouardani haar werk op Prospects: een initiatief van het Mondriaan Fonds, waarbij het werk van 86 kunstenaars wordt getoond die in 2022 een financiële bijdrage kregen om een start te maken met hun carrière. Het aanbod varieert van fotografie tot textielwerken, van video tot schilderijen, en van performances tot sculpturen. Samensteller van de tentoonstelling is curator Johan Gustavsson, in samenwerking met curator Louise Bjeldbak Henriksen. El Ouardani zal daar drie werken presenteren die ze maakte in Koeweit, een introductie van haar lopende onderzoek dat op dit moment nog vorm krijgt. Vooralsnog legde de fotograaf hiervoor migranten vast die werken in de Amerikaanse fastfoodketens in Koeweit, die na 1991 steeds meer uit de grond zijn gestampt, in de nasleep van de Eerste Golfoorlog. El Ouardani onderzoekt daarmee hoe culturele uitwisseling zich vertaalt naar de complexiteit van overconsumptie.
Daarnaast laat ze zich inspireren door een set speelkaarten die het Amerikaanse leger tijdens de invasie van Irak in 2003 ontwikkelde om soldaten te helpen om de meest gezochte leden van het regime van Saddam Hussein te identificeren. De kaarten werden beschouwd als provocerend en trivialiserend, en tegelijkertijd vormde het een bizarre Amerikanisering van de oorlog — een oorlog waarvan de legitimatie, de ‘weapons of mass destruction’, later ongegrond bleek. In 2021 waren bijna alle van de 52 meest gezochte personen op de kaarten overleden of gevangengenomen, waarvan er elf weer zijn vrijgelaten.
El Ouardani (1994) woont en werkt in Amsterdam en studeerde Fotografie en Design aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Haar werk was onder meer te zien in het Van Gogh Museum en op Unseen Amsterdam, Foto Tallinn en Paris Photo.
Het werk van Hanane El Ouardani is tijdens Art Rotterdam te zien in de Prospects sectie van het Mondriaan Fonds.
Geschreven door Flor Linckens
Deze editie verwelkomt Art Rotterdam verschillende nieuwe deelnemers, waaronder de in Johannesburg gevestigde Kalashnikovv Gallery. De galerie biedt een platform aan zowel opkomende als gevestigde Zuid-Afrikaanse kunstenaars. Eén van hen is de interdisciplinaire kunstenaar Senzeni Marasela (1977, Zuid-Afrika) die fotografie, video, prints en mixed-medium installaties met textiel en borduurwerk onderzoekt. Haar werk gaat over geschiedenis, herinnering en persoonlijke verhalen, waarbij ze de nadruk legt op historische leemtes en over het hoofd geziene figuren. Hoewel Marasela over de hele wereld exposeert, is het de eerste keer dat haar werk op een Nederlandse beurs te zien is.
In haar performance Waiting for Gebane (2013-2019) duikt Marasela in het leven van haar alter-ego Theodora (vernoemd naar haar moeder) en fictieve echtgenoot Gebane die haar achterlaat in een dorp in de Oostkaap en naar Johannesburg reist. Het verhaal begint met een bescheiden rode jurk die ze cadeau krijgt voordat hij vertrekt. De versierde bedrukte Iseshweshwe jurk wordt gedragen door getrouwde vrouwen in de Xhosa cultuur en wordt veel gedragen door de plattelandsbevolking. Marasela draagt het kledingstuk zes jaar achter elkaar dagelijks, een krachtig statement verweven in de ontmoetingen die ze heeft. Ze voerde dit project ook uit op de 56e Biënnale van Venetië in 2015.
Zoals de kunstenaar vertelt: “Een groot deel van mijn werk gaat over het bedekken van Theodora. Het zijn de ontberingen die zij moest doorstaan tijdens haar leven in Johannesburg en waarschijnlijk ook de ontberingen waar vrouwen zoals ik nu mee worstelen. Want het is een plek met veel geweld.” Theodora blijft dus niet alleen een fictief personage, maar ook een manier om stem te geven aan de trauma’s van Marasela’s moeder en andere zwarte vrouwen, tot op de dag van vandaag.
Er is letterlijk en figuurlijk een rode draad te zien in haar werk. Het veelvuldig gebruik van de kleur rood in haar geborduurde werken en aquarellen, kan geïnterpreteerd worden als een verwijzing naar het bloed en het kwaad dat achter koloniale praktijken schuilgaat. Thematisch maakt de kunstenaar onzichtbare verhalen van onderdrukte zwarte vrouwen zichtbaar. In haar meest recente serie Last Known Location (2023) dat de kunstenaar presenteert tijdens Art Rotterdam, rijgt zij met behulp van topografie het verhaal van Theodora aan elkaar, op zoek naar de voetsporen van Gebane.
In eerder werk Covering Sarah (2011), bestaande uit aquarellen van rode contouren voor een witte achtergrond, is Sarah Baartman (1789-1815) de hoofdpersoon. Baartman was een Zuid-Afrikaanse Khoikhoi vrouw die in de 19e eeuw moest optreden in Londen en Parijs. Tragisch genoeg werd ze door Europeanen gebruikt om op te treden op feestjes van rijke mensen en in privé-salons.
Dat haar kunst sinds bijna 30 jaar kunstenaarschap relevant blijft en impact maakt, blijkt uit de recente onderscheiding die Marasela ontving. In 2023 won de kunstenaar de eerste K21 Global Art Award, een initiatief van de Friends of Kunstsammlung Nordrhein-Westfalen dat de visie en moed van opkomende en kunstenaars halverwege hun carrière viert. Ze reageert: “Ik hoop dat dit het begin is van geweldige discussies en samenwerkingen. Ik hoop ook dat dit een reis is die jonge kunstenaars over de hele wereld zal inspireren, vooral in Afrika.” Vastbesloten om de ongelijkheid als gevolg van de apartheid aan te pakken, deconstrueert de kunstenaar praktijken van kolonialisme en racisme om een wereld van gelijkheid te reconstrueren voor de komende generaties.
Senzeni Marasela (1977, Zuid-Afrika) studeerde af aan de Universiteit van de Witswatersrand in Johannesburg (1998) en voltooide kort daarna een residentie bij de South African National Gallery. Enkele hoogtepunten uit haar carrière zijn tentoonstellingen in het Zuid-Afrikaanse Paviljoen tijdens de 56e Biënnale van Venetië (2015), Zeitz Mocaa in Kaapstad (2020) en het Museum voor Moderne Kunst in Parijs (2021). Haar werk is vertegenwoordigd in verschillende collecties zoals Smithsonian Museum (VS), MoMA (VS) en Harry David Collection (GRE). Ze woont en werkt in Soweto.
Tijdens Art Rotterdam exposeert Senzeni Marasela haar kunst bij Kalashnikovv Gallery uit Johannesburg (Solo/Duo, stand 22).
Geschreven door Pienk de Gaay Fortman
De hybride wereld van Adriano Amaral
Wie de eerste solotentoonstelling van de Braziliaanse kunstenaar Adriano Amaral bij Galerie Fons Welters eind vorig jaar miste, heeft geluk: Prole gaat op Art Rotterdam in reprise. Gedeeltelijk dan. De galerie zal er een aantal van Amarals Prosthetic Paintings tonen die in Prole te zien waren. Voor deze serie schilderijen dienden foto’s die Amaral met zijn mobiel nam als vertrekpunt, om ze uit te voeren in het soort siliconen dat wordt gebruikt voor protheses.
De inhoud van het werk van de alumnus van De Ateliers laat zich een stuk lastiger beschrijven dan het soort siliconen dat hij gebruikt. Het persbericht bij Prole, wat nageslacht betekent in het Portugees, beschrijft Amarals werk als een onderzoek naar de materialiteit en inhoud van alles dat ons omringt en hoe dingen geleidelijk veranderen door de tijd.
Als we die titel letterlijk nemen, dan gaat het wel over doorgeëvolueerd nageslacht. Amaral (BR, 1982) speelt met tegenstellingen zowel op conceptueel als op materiaal vlak – denk aan levend-dood, organisch-digitaal, ecologisch-technologisch, maar ook tastbaar en efemeer – om uit te komen op hybride vormen van die tegenstellingen. Die kunnen zo verwarrend zijn dat je opnieuw nadenkt over die begrippen.
Een ruimte met een eigen logica
Wie Prole wilde zien moest daarvoor door een aantal plastic flappen heen stappen, alsof je een koelcel binnenging. Een symbolische toegangspoort naar een ruimte met een eigen beeldtaal en dito logica. Op de vloer van de geheel witte galerie lagen 32 kruizen van aarde, elk op een eigen verhoginkje van aluminium. Gedurende de tentoonstelling droogde de aarde steeds verder uit, waardoor de kruizen broos werden en uiteindelijk uit elkaar vielen.
De geleidelijke overgang van leven en dood is een vrij evidente tegenstelling. De kruisvorm is een duidelijk religieus symbool, in combinatie met de langzaam verdroogde aarde zou je kunnen denken dat het om een afbrokkelend religieus besef zou gaan, maar Amaral trekt het nog breder dan dat. De kruisen lopen helemaal door tot aan de wanden van de galerie, waarlangs halve kruizen te zien zijn. Hierdoor wordt de suggestie gewekt dat de kruizen buiten de galerie eindeloos doorgaan. Alsof je een soort digital mesh bent binnengestapt waarbinnen een organische en een digitale wereld samenvloeien.
“Uiteindelijk wil ik dat er een soort hybride ontstaat van iets organisch als aarde met het digitale domein,” vertelt Amaral, die ruim een jaar aan de installatie werkte. “Aan het begin van mijn carrière maakte ik vooral site-specifieke installaties, tegenwoordig ook meer autonome werken, zoals de Pinturas protéticas (Prosthetic paintings). Maar nog steeds wil ik dat bezoekers overal iets kunnen zien en dat ze kunnen verbinden met andere objecten in de ruimte. Daarnaast wil ik dat mijn werk open is voor interpretatie waardoor bezoekers zelf verbanden gaan leggen.”
Zijn werkwijze omschrijft Amaral als intuïtief. “Eerst combineerde ik dingen die ik vond, bijvoorbeeld een tak met een dop van een PET-fles. Pas na een aantal jaar kreeg ik door dat de dingen die ik combineerde een dualiteit in zich droegen, op veel verschillende niveaus. Bij een show als deze begin ik intuïtief, maar op een bepaald moment weet ik wat ik wil maken en wordt het conceptueler.”
Pinturas protéticas
Aan de wanden hingen de Pinturas protéticas, gemaakt van siliconen die worden gebruikt bij protheses voor mensen die een ledemaat hebben verloren. Aanraken mag bij kunst zelden, maar door de huidachtige structuur is het nog lastig om die neiging te onderdrukken. “Het voelt zacht aan, net als de menselijke huid”, vertelt Amaral. Hij werkt al sinds 2015 met siliconen, maar ontwikkelde deze complexe toepassing pas afgelopen jaar.
Ook bij de Pinturas is er sprake van een hybride. De werken hebben weliswaar een bijna huidachtige kwaliteit, ze werden 3-d geprint. Doordat de werken verdiept liggen in een soort membraanachtige omlijsting, kom je dichterbij om het tafereel te zien. Daarbij gaat het Amaral om het effect dat je iets dat met behulp van een printer is gemaakt als menselijk en intiem ervaart. De voorstellingen hebben dan weer een artificiële, futuristische citrus- of limegroene kleur, waardoor de voorstellingen van dieren weer iets onnatuurlijk overkomen.
De foto’s die als uitgangspunt dienden nam Amaral in zijn directe omgeving met zijn mobiele telefoon. “Voorheen zat mijn omgeving in mijn werk in de vorm van de materialen die ik gebruikte”, vertelt Amaral die tegenwoordig op de boerderij van zijn familie woont op drie uur rijden van Sao Paolo. “Nu wilde ik ook beelden van mijn omgeving laten zien. Af en toe voegde ik iets toe dat ik leuk vond of online tegenkwam, bijvoordbeeld de man in het kikkerpak.”
Geschreven door Wouter van den Eijkel